Tijdens een gymles op school of een schilderactiviteit in het buurthuis trekt een jongere zich steeds vaker terug, terwijl diegene normaal volop meedoet met de groep. Misschien wordt er minder gesproken, reageert iemand sneller geïrriteerd of meldt diegene zich vaker af.
Dit soort kleine veranderingen in gedrag kunnen signalen zijn dat het mentaal minder goed gaat. Toch is dat niet altijd makkelijk te herkennen. Je staat vaak voor een groep, gedrag verandert meestal geleidelijk en je kunt niet achter iemands voordeur kijken. Juist daarom is het belangrijk om alert te zijn op veranderingen ten opzichte van hoe iemand normaal is.
Kleine veranderingen kunnen signalen zijn
Wanneer het mentaal minder goed gaat met een jongere, zie je dat vaak terug in gedrag. Niet altijd groot of opvallend, maar juist in kleine veranderingen ten opzichte van hoe iemand normaal is (bron: MIND-Us).
Denk bijvoorbeeld aan:
Dat betekent natuurlijk niet dat er altijd direct iets ernstigs aan de hand is. Iedereen heeft weleens een mindere dag. Maar wanneer gedrag (langdurig) verandert, kan dat een signaal zijn dat iemand mentaal niet lekker in diens vel zit.
Je hoeft het niet meteen perfect te doen
Het kan voor professionals in de wereld van sport, bewegen en cultuur lastig zijn om deze signalen bespreekbaar te maken. Want hoe begin je zo’n gesprek? En wat als je het verkeerd inschat?
Toch hoeft het niet ingewikkeld te zijn. Juist kleine stappen kunnen al veel betekenen voor een jongere. Je hoeft niet meteen een oplossing te hebben of alles goed te doen, het begint vaak met simpelweg aandacht geven en laten voelen dat iemand gezien en gehoord wordt. Wat je als professional kunt doen, is grofweg te verdelen in drie stappen: signaleren, het gesprek aangaan en (waar nodig) doorverwijzen (bron: Kenniscentrum Sport & Bewegen).
Stap 1: signaleren
Signaleren begint vaak bij goed kijken naar gedrag. Zie je veranderingen? Valt iemand ineens minder op? Of juist meer?
Omdat de professionals jongeren vaak langere tijd zien, herkennen zij soms eerder wanneer gedrag verandert. Juist die vertrouwde omgeving kan ervoor zorgen dat signalen zichtbaar worden. Het gaat daarbij niet om diagnoses stellen, maar om opmerken dat iemand mogelijk niet lekker in diens vel zit.
Praktijkvoorbeeld: vroegsignalering bij jongeren in Capelle
Bij Sportief Capelle merken buurtsportcoaches dat juist het langdurige contact met jongeren helpt bij het herkennen van signalen. Omdat zij jongeren regelmatig zien tijdens activiteiten, vallen veranderingen in gedrag sneller op. Binnen het project Homebase werken zij hierin samen met scholen, jongerenwerk en andere organisaties in de wijk. Juist die samenwerking en het vertrouwen dat wordt opgebouwd, blijken belangrijk in het vroeg signaleren en ondersteunen van jongeren (bron: Alles over Sport).
Lees hier het hele artikel van Alles over Sport
Stap 2: het gesprek aangaan
Een gesprek hoeft niet groot of zwaar te zijn. Sterker nog: vaak werkt een laagdrempelige benadering juist het beste. Een simpele vraag als:
Daarmee laat je als professional zien dat iemand gezien wordt. En dat is vaak al waardevol op zichzelf.
Stap 3: samenwerken en doorverwijzen
Soms merk je dat er meer speelt en dat een jongere extra ondersteuning nodig heeft. Ook dan hoef je het niet alleen op te lossen. Juist samenwerken met bijvoorbeeld ouders, school, jongerenwerk, welzijnsorganisaties of zorgprofessionals kan helpen (bron: MIND-Us). Door te zorgen voor een sterk netwerk en goed contact met deze partners (in jouw wijk), weet je waar je terecht kunt. Zo sta je er als professional niet alleen voor. We staan in het volgende artikel uitgebreid stil bij de kansen van domeinoverstijgend samenwerken en een sterk netwerk.
Belangrijk om te onthouden: je bent geen hulpverlener. Maar als professional kun je wel een belangrijke schakel zijn in het signaleren en ondersteunen van jongeren.
Jezelf scholen helpt om zekerder te handelen
Uit onderzoek van het Mulier Instituut blijkt dat 79% van de sport- en cultuurprofessionals (werkzaam vanuit de Brede Regeling Combinatiefuncties) zich specifiek inzet voor het bevorderen van de mentale gezondheid (bron: Mulier Instituut).
Er zijn dan ook steeds meer tools en trainingen beschikbaar die hierbij ondersteunen, zoals:
Door jezelf meer kennis en handvatten eigen te maken, voel je je vervolgens ook zekerder in het contact met jongeren. Niet om alles op te lossen, maar wel om signalen te herkennen, ondersteuning te bieden waar nodig en jongeren te laten ervaren dat meedoen aan sport, bewegen en cultuur kan bijdragen aan hun mentale gezondheid.
Van 1 tot en met 7 juni 2026 vindt de Week van de Mentale Gezondheid plaats. In aanloop naar deze week verschijnen vanuit Sportkracht12 en de Landelijke Academie Buurtsportcoaches, met medewerking van LKCA, Mulier Instituut, Augeo Foundation en Kenniscentrum Sport & Bewegen, meerdere artikelen over mentale gezondheid, sport, bewegen en cultuur. Daarmee dragen we bij aan meer bewustwording én praktische handvatten voor professionals in het veld.
Afzender: Sportkracht12
Dit nieuwsbericht is toegevoegd op 18 mei 2026